Buurman Piet

Buurman Piet

27 August 2010 Loftrompet 1

Er zijn mensen die er alles aan doen om inspirator te zijn. Sommigen noemen zich zelfs zo. Zo niet mijn buurman Piet.

Piet is ‘voor minstens 100%’ afgekeurd. Hij heeft ‘minstens een vierdubbele bijpas en in zijn hert zit een ‘accu’ die hem bij de volgende hartaanval ‘vanzelf weer terugshockt.’
Als het heet is zegt Piet: ‘Tjonge jonge wat is het heet, puf, mij hoor je niet klagen’ en als het vriest ‘Wat een kou, godskolere, mij hoor je niet klagen.’ Als het regent kijkt hij omhoog en zegt hij meestal ‘het lijkt niet op te houden, tjonge jonge, mij hoor je niet klagen.’

Als je Piets buik ziet, begin je het vanzelfsprekend te vinden dat een man een watermeloen in zijn geheel kan inslikken. Als je ‘vrouwonvriendelijke opmerkingen’ googlet, dan zie je waarschijnlijk zijn hoofd.

Piet doet er tien minuten over om de trap op te lopen, na elke trede is hij buiten adem. Meestal zit hij alleen binnen, thuis. Het is niet eens zijn huis, bijna alles wat hij had is hij kwijtgeraakt en hij mag -al twee jaar tijdelijk- wonen bij Koosje, mijn buurvrouw, die er bijna nooit is. Piet is bijna alles kwijt. Alles, behalve zijn motor, een glimmende BMW met een sticker achterop: ‘It’s me’

Zo af en toe, als de zon schijnt op een gewone zondag, dan gebeurt er iets met Piet. Hij lijkt zijn bijpas vergeten te zijn en een zuurstoftank in plaats van een watermeloen ingeslikt te hebben. Fit en vrolijk, gehesen in een lederen motorpak met op de rug ‘It’s me’ geborduurd maakt hij zijn BMW in orde. Fluitend en lachend.

Op zo’n gewone zondag:
‘Wat ga je doen, Piet?’
‘Lekker stukkie rijden, zo ziet het er toch wel uut?’
‘Lijkt ‘t wel op. Waar ga je heen?’
‘O, naar Noord-Holland, voor de BACA-run’
‘De BACA-run, Piet?’
‘Ja, dat zei ik toch net, slimme.’

Piet zit bij de BACA, bikers against child abuse. Ze rijden op zo’n run met honderden motoren rond, mannen in lederen pakken, samen rondjes rijden tegen kindermisbruik. Ze gaan bij kindertehuizen langs en kinderen mogen een stukje meerijden op de motor. En Piet, die regelt het verkeer. Een oranje zwaailicht op zijn BMW, met vlaggetjes zwaaien en ga zo maar door. Piet regelt het gewoon.

En als hij na zo’n dag weer thuis is en in de tuin op een stoel neerploft hoor ik hem al: ‘Godskolere, hoe krijg ik die laarzen nou toch uut. Ach, mij hoor je niet klagen.’

One Response

  1. Heidi says:

    Haha leuke blog! Grappig.
    Vind Piet helemaal leuk. :-)

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *